Posts tonen met het label Ebola. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Ebola. Alle posts tonen

maandag 10 november 2014

Waar blijft die actie tegen Ebola

Ik durf bijna te wedden dat bijna niemand met droge ogen de herdenkingsbijeenkomst van de slachtoffers van de ramp met het Malaysian Airline vliegtuig heeft kunnen bekijken. Al die namen, al die verhalen, het ging me door merg en been. Iedereen die iemand verloren heeft, kan die pijn volgens mij heel goed voelen.


Midden in die herdenking kreeg ik een telefoontje. Uit Sierra Leone. Het land waar mensen momenteel bij bosjes omvallen door een vreselijke ziekte. Een ziekte waar we hier niet zoveel aan doen. Pas nu de Ebola wat dichterbij komt, worden allerlei noodklokken geluid. Duizenden mensen zijn al bezweken en hun dood is niet een aangename geweest.

Geen zachte dood
Daar geen sedatie, geen zachte dood. Doodbloeden van binnen zonder medicatie, dat is wat er gebeurt. Van klein tot groot. En ja, mensen hebben met hun hocus pocus ook het idee dat ze het zelf wel kunnen oplossen en doen wat ze beslist niet moeten doen. Aan de andere kant had de ziekte al lang een halt toegeroepen kunnen worden als er echte hulp op gang was gekomen. Medicijnen, artsen en materiaal, waar bleven ze? Waar zijn de hulpacties? Meer dan 4000 mensen zijn al gestorven en een hulpactie als bij de Tsunami of Haïti lijkt niet nodig. Is dat omdat er niks te halen is in die landen? Omdat we arme Afrikanen niet zien als mensen of als een goed doel?

We willen ze hier niet
Dat we ze hier niet willen, is meer dan duidelijk. Maar met deze ziekte wordt er veel meer stuk gemaakt dan de levens van al die mensen. Er worden ook hele economieën vernield. Daar waar mensen normaal gesproken naar landen in West Afrika gingen om daar vakantie te vieren, zaken te doen en geld uit te geven, laten ze dat nu. Ze zijn bang. Zelfs in landen waar in de verste verte nog geen enkel Ebola geval is te vinden, komt geen toerist of zakenman meer. Om van de landen waar de ziekte wel rondwaart, nog maar niet te spreken.

Help hen om je zelf te helpen
En dat heeft op den duur zeker weer zijn invloed op wat er hier gebeurt. Want mensen die in een economie wonen waar ze niks te vreten hebben, komen op den duur weer hier naartoe. Hier, waar we ze niet willen hebben. Of ze verdrinken in gammele bootjes op de zee. Wat ons ook koud laat, maar dat terzijde. Maar als ze hier naartoe komen, moeten we voor ze zorgen. In een asielzoekerscentrum, als asielzoekers of als illegaal. En dat wil de meerderheid van ons land niet. Als we dan niet uit humanitaire gronden mensen helpen die dood gaan, dan zou het nu misschien het moment zijn om uit eigenbelang een fonds op te zetten dat de mensen daar wel helpt. Zodat we ook onszelf helpen.


maandag 15 september 2014

Daar staat hij dan

En daar staat hij dan. Mijn inktzwarte man uit duister Afrika. Voor het eerst in een vliegtuig, voor het eerst in een land buiten zijn eigen moederland. Vanzelfsprekend moest hij direct mee met de marechaussee. En belden ze mij op, terwijl ik met een fles nepchampagne zonder alcohol op hem stond te wachten. Of ik op iemand wachtte. Hoe hij heet, zijn geboortedatum. Waar we elkaar hebben ontmoet. Of hij bij mij logeert. Alweer. De eerste visumaanvraag werd afgekeurd. Toen we zwaarder geschut inzetten bleek dat dit ongegrond bleek en werd alsnog een visum verleend. Maar daarvoor moest hij wel weer naar het buurland reizen.

Toen de Ebola daar ook verscheen, besloten we dat hij zo snel als mogelijk het land moest verlaten. Om geen enkel risico te nemen. Maar toen wilden ze het visum weer niet opsturen, terwijl het wel was toegekend. En nu staat hij daar dus. Ik zie aan zijn ogen dat hij het zat is. Opnieuw alle vragen die we al duizend keer hebben beantwoord. Hij is blij me te zien. Ik ben blij hem te zien. Maar hij fluistert me in dat hij al lang rechtsomkeert had gemaakt als ik niet de reden was waarom hij naar mijn land was gekomen. Zo behandelen we jullie toch ook niet als jullie naar mijn land komen, zegt hij. Een medelandgenoot zegt hetzelfde. En ik kan niets anders doen dan dat beamen.

Als buitenlander door de douane in Nederland: niet gemakkelijk

De behandeling is bovendien ronduit vervelend. Dan weer komen ze om dit papier, dan weer om dat papier. Terwijl al die papieren niet alleen door de IND, maar ook door de ambassade nogmaals zijn beoordeeld. Nog een kwartier, dat uiteindelijk wel een uur wordt. Uiteindelijk mogen we dan weg. Maar niet voordat ik getekend voor het feit dat ik flink in de buidel moet tasten als hij toch niet terug zou keren naar zijn land. En niet voordat op een sticker is vastgelegd dat hij zich nog bij de vreemdelingenpolitie moet melden. Een regel die eigenlijk niet meer bestaat, tenzij dat. …

Geen vreemdelingenpolitie in kleine plaatsen: regeling voor melding bovendien afgeschaft

De sticker blijkt overigens niet te deugen, want volgens de marechaussee kan dat gewoon in Lemmer. Ik heb nog nooit van een vreemdelingenpolitie in Lemmer gehoord en na een telefoontje blijkt dat die inderdaad helemaal niet in Lemmer huist. En op de sticker ook nog een verkeerde provincie. Zijn vliegtuig landde om 7 uur in de ochtend, om half 11 kunnen we eindelijk een keer naar huis. We hebben beide amper geslapen de nacht ervoor en het nazomeren waar we ons op hadden verheugd zit er voor ons niet in. We zijn kapot.

Ze hebben nog nooit een donker mens gezien hier

Als we ’s avonds een ommetje maken kijken mensen hem vreemd aan zegt hij. ‘Het lijkt wel alsof ze nog nooit een donkere persoon hebben gezien. Kinderen kijken me aan, mensen vallen bijna van hun fiets. Ik ben toch maar een gewoon mens. Alleen mijn huid is anders. ’ Hij neemt ondertussen alles in zich op. Een heel ander klimaat, een gewone weg, supermarkten waar zoveel eten is dat het je duizelt. Stroom die er altijd is, water dat warm uit de kraan komt. Geen rode aarde, niet elke dag je neus vol stof. Maar ook niet die sociale cohesie, het samen zitten bij een kop thee, het samen praten en het handen schudden. En nee, sommige mensen kunnen zich niet voorstellen dat je dat meer mist dan alle luxe van de wereld. En zij kunnen zich al helemaal niet voorstellen dat niet iedereen in dit beloofde land wil blijven en leven. Als wij zijn land zouden betreden en ook zo behandeld zouden worden, zou dat misschien wel duidelijk worden.

Aanbiedingen bij EuroClix

dinsdag 2 september 2014

Ebola; niks om je druk over te maken!

Alleen het woord Ebola geeft je al de kriebels. Op de een of andere manier heeft het een rare ondertoon. Dat heb je soms met woorden. Mijn collega zei het vanochtend nog: die krant van je heeft een code die een beetje terroristisch aan doet. PKF. Het klinkt inderdaad als een louche groepering die dood en verderf zaait. Maar dat terzijde.

Hocus Pocus

Ebola dus. De ziekte waart rond in West-Afrika waar al helemaal niemand wat te makken heeft. En waar hulp vaak ver te zoeken is. En waar het geloof in hocus pocus ook nog eens groot is. En dat maakt het allemaal erg ingewikkeld. Zeker als je geliefden zich daar bevinden. En zaterdag bleek de angst voor nabijheid opeens bewaarheid. In Senegal was een besmette student uit Guinea naar binnen geslipt. Wetende dat hij in contact was geweest met mensen die aan de dodelijke ziekte leden. Achterlijk, jawel. En ongetwijfeld heeft hij contact gehad met mensen in Senegal. Maar mijn mensen zaten net ook in dat land.

Als de donder daar weg

Na een soort van crisis interventie besloten we: Als de donder daar weg gaan. Niet omdat zij ook risico’s willen nemen, maar juist om die risico’s te voorkomen. Want ja, er zijn in die landen ook mensen die door de ziekte de deur niet meer uitkomen. Die geen enkel risico nemen en er voor zorgen dat ze amper in contact met wie dan ook maar treden. Dus volgde er een trip van een volle nacht en een halve dag in een gammele bus. Mijn dierbaren hulden zich in lagen kleding om elke fysieke aanraking met anderen te voorkomen.

WHO

Echter er moesten nog wat zaken worden afgewikkeld. Op de site van de ambassade van Nederland overigens geen woord over de ziekte. Zelfs de Wereld Gezondheids Organisatie vond het niet nodig om het op haar website te vermelden. Een doorverwijzing naar het reisadvies leverde ook niets op. Telefonisch contact ging net zo moeilijk. Druk 3 als u in het Nederlands iemand wilt spreken zei het apparaat. Toen ik op die 3 had gedrukt, kreeg ik gewoon iemand aan de lijn die stug Frans sprak. Nee, nee Nederlands spreken deden ze niet.

Niks om je druk over te maken

Toen ik de situatie uitlegde, zei de man aan de andere kant: Wel nee, niks om je druk over te maken. Er is helemaal geen Ebola in Senegal.’ Toen ik zei dat dit er wel degelijk was zei hij dat het maar om een enkel geval ging. Iedereen kon gerust lekker van land naar land trekken. Ik zei dat de grenzen met Guinea toch wel dicht waren. Ja, ja, maar dat maakte niet uit zei hij. Het was absoluut veilig. En daar gaat dus alles volgens mij mank. Als de overheid het belang al niet eens inziet van rigoureuze maatregelen, hoe moet de plaatselijke bevolking dat dan wel doen. Mijn geliefden zitten in ieder geval nu ergens waar de ziekte nog niet de kop heeft opgestoken. Maar dat zal ongetwijfeld ook gaan veranderen met zo’n houding. En dat deugt van geen kant.