maandag 25 augustus 2014

Een bak vol ijswater over je hoofd

Doe je het wel of doe je het niet. Het was deze week de vraag van de week bijna Ik heb er lang over nagedacht, maar nee, ik hoefde niet te zien hoe een journalist werd onthoofd. Niet omdat ik voorbij ga aan de waarheid, maar wel omdat ik deze werkelijkheid zo al gruwelijk genoeg vond. Bovendien vond ik het al erg genoeg om te zien hoe de man in een oranje pak en geschoren hoofd zat te wachten op dat moment, dat ze zijn keel gingen doorsnijden.

Te bedenken wat er door zijn gedachten moet zijn gegaan is wat mij betreft beeldend genoeg. Hetzelfde geldt voor de overkill aan walgelijke beelden van jongeren die aan ´kopschoppen´ doen. De term was mij onbekend, maar hij schijnt te bestaan. Malloten die op elkaar inschoppen, terwijl ze blijkbaar geen idee hebben dat je op die manier ook heel gemakkelijk iemand doodschopt. Het gebrek aan empathie, het feit dat mensen dus blijkbaar helemaal niet meer geven om een mensenleven en er maar mee doen wat ze willen, maakt dat die filmpje mijn wereldbeeld niet bepaald rooskleuriger maken.

Daarom kijk ik deze week dan maar naar andere filmpjes. Hun doel is even vreselijk eigenlijk, maar de uitkomst hopelijk een stuk positiever. Want ik heb genoten van al die mensen die een emmer, teil, bak of zelfs koelbox met ijswater boven hun hoofd leegden, vervolgens rare sprongen deden en het stokje vervolgens doorgaven. Ze stonden in zwembadjes, bij de zee, voor een horecagelegenheid, in de tuin, in de badkamer.

Mijn buurman gooide zelfs een bak met ijslolly’s over zich heen, bij gebrek aan ijswater. Natuurlijk is het heel leuk om te zien dat iedereen dat stokje overneemt en dat hele koude water over zich heen gooit. Maar het doel, een geneesmiddel voor die vreselijke ziekte ALS te vinden is waar het eigenlijk om gaat. En ik geloof echt dat iedereen die dat water over zich heen gooit daar van doordrongen is. Zeker in Lemmer, waar iedereen Sjaak van den Berg kende. In zijn nagedachtenis dit doen is mooi. Maar ook wrang. Want een geneesmiddel zal hem niet meer helpen.

Geld geven, wat bij de bak ijs hoort, is nog mooier. En zo lijkt de wereld door al deze ijsbakgooiers deze week toch weer een stukje vriendelijker. En een mooi tegenwicht tegen kopschoppers en gewetenloze moordenaars die denken dat hun doel alles heiligt. Laat ons al die hardheid en dat gebrek aan empathie dan maar bestrijden met zo´n plens water over je heen. Maar wel in het besef waar dat dan voor is.

Aanbiedingen bij EuroClix

maandag 18 augustus 2014

Haar in je brood en luizen in je snoepjes

Dat het met ons eten niet zo goed gesteld is, wist ik al lang. Als ik zie wat mensen in hun boodschappenkarretje gooien, krijg ik daar zelf soms bijna een hartverzwiepering van. Daarom ben ik altijd blij met mijn biologische tasje, eens in de week. Het is altijd een verrassing wat daar weer in zit, maar wat me het meest bij blijft van het tasje is de smaak van de producten. Een tijdje terug zaten er mandarijntjes in. Ik nam een hap en was opeens weer 40 jaar terug in de tijd.



Zo smaakten mandarijntjes in mijn jeugd! Niet zo zoet, veel frisser. En ja, met een pit. Omdat die nu eenmaal in zo’n vrucht horen te zitten, want daar komen nieuwe boompjes uit. Maar het gaat vooral om die smaak. Vorige week zaten er biologische appels in. Weer diezelfde kick: een echte appelsmaak en niet dat vlakke gedoe.

Bloed van insecten door je eten

Op al dat spul dat ik in die biowinkel koop (en ik weet dat het veel duurder is en dat echt niet iedereen zich dat kan veroorloven. Daar sluit ik mijn ogen niet voor) geen rare laklagen en bloed van insecten. Ik wist al lang dat er in rode M&M’s (ja die snoepjes waar veel kinderen en volwassenen zo gek op zijn) luizenbloed werd verwerkt. Waarom? Om de kleur.



Gestampte luizen

Blijkbaar doet bietensap het niet zo goed als het bloed van luizen. Toch blijft het een rare gedachte dat iemand ooit heeft bedacht dat je dat gerust in je eten kunt gooien. Hoe de beesten worden gestampt is me een raadsel maar ergens moeten ze toch een kookpot ingaan om hun rode kleur af te geven. Wij mensen griezelen bij de gedachte om insecten te eten, maar hebben dus geen flauw benul van het feit dat we al van alles eten dat we normaliter als goor en onacceptabel zouden beschouwen.

Eem pruik door je brood

Toen ik vorige week bovendien een programma zag waarin duidelijk werd dat er massaal haren in onze broden worden gestopt, hield het voor mij op. De vieze vette pruik van iemand die ik normaliter eerst onder de douche zou stoppen, wordt gewoon in brood gestopt. Gemalen en tot een papje gemaakt. Maar toch. En dat noemen ze dan broodverbeteraar. Afgezien van het feit dat de gedachte heel vies is, ben ik ook benieuwd wie zoiets nu weer heeft uitgevonden. Op een dag wordt een bakker wakker en die bedenkt: 'weet je wat? Ik scheer mijn vrouw haar hoofd kaal en gooi dat haar lekker door het brood. Goed voor de stevigheid.’ Nog even en we vinden mensenvlees in onze producten. Want dit is toch ook een vorm van kannibalisme? Ik ga in ieder geval goed kijken bij welke bakker mijn haar zonder de pruik van een onbekende is gebakken.

Aanbiedingen bij EuroClix

dinsdag 12 augustus 2014

Deze dood had niet gemogen

Deze column schreef ik voor een krant in Flevoland. Hij moest op een bepaalde plek komen, omdat de ruimte daar voor bedoeld was. Maar toen ik keek wat er verder op die pagina stond, schrok ik. Een spelletje over moord en doodslag moest worden uitgelegd. Spelletjes waar ik altijd al mijn twijfels bij heb me gehad, omdat ze vaak oproepen tot geweld.

Spel dat oproept tot geweld

Het plaatsen van de uitleg van zo’n spelletje op die plek kon toen echter nu helemaal niet. Want er was toen een jongen vermoord in Dronten. Dat mocht ik toen nog helemaal niet zeggen, want oorzaak en gevolg waren nog niet bekend aldus de politie. Maar de jongen in kwestie is wel overleden. Voor hem geen nieuwe dagen meer, geen school, geen mooie momenten met vrienden of vriendinnen of familie. En ik noem dat toch van het leven beroofd. Afgenomen. Weg.

Ik wist het, de politie gaf alleen te kennen dat een jongen was overleden naar aanleiding van een vechtpartij. Onduidelijk was toen wie er schuldig was en hoe de situatie was ontstaan. Wat ik wel eist toen was dat niemand zich had gemeld die er bij betrokken is geweest. En dat dit wel zou moeten als er zoiets vreselijks is gebeurd en je daarbij betrokken bent geweest. Dat je in dat geval niet moet afwachten tot de politie een keer voor je deur staat. Inmiddels is een groep jongens opgepakt en is zelfs een gevluchte Lelystedeling uit Duitsland gehaald. Zijn voorarrest werd verlengd, maar of hij de daad bekend heeft is nog niet duidelijk.

Akif

De jongen keek me toen aan vanaf een foto in de Telegraaf. De journalisten daar zeiden dat hij Akif heet. Hij had daarmee niet alleen een naam, maar ook een gezicht gekregen Naar mijn idee een vriendelijk gezicht. Een beetje verlegen lijkt het zelfs wel. Maar daarvan heb ik geen idee, want ik kende hem niet. Wel weet ik uit interviews met betrokkenen dat er familie is. Een moeder, een vader? Zusjes en broertjes misschien. Ooms en tantes. Vrienden en vriendinnen. En die rouwen. Daarover is geen twijfel mogelijk. Rauwe rouw.

Want de dood is bijna nooit echt te bevatten, maar zo’n onverwachte vreselijk onnodige dood tart elk voorstellingsvermogen. Het ene moment heeft hij het ouderlijk huis waarschijnlijk gewoon vrolijk verlaten, misschien werd er een uur later aan de deur gebeld en stond daar de politie met vreselijk nieuws. Maar daarover kan ik alleen maar gissen. Dat moment tussen dat alles nog goed is en het moment dat je hele leven nooit meer zal zijn zoals het was, dat stel ik me voor. Misschien was er voor dat moment een soort van zorgeloosheid en is die nu voor altijd verdwenen. Ik verplaats me in de nabestaanden. Stel me voor hoe ik zou schreeuwen en gillen. Hoe ik zou janken en kermen. En ook hoe het nu met ze is. Hoe ze zich door het leven worstelen. Hoe ze elke dag verdriet hebben. En vragen misschien.

Moord in Dronten: het mag niet

Dat het niet kan en dat het niet mag. Want dat is het: zoiets kan en mag niet en toch gebeurt het steeds weer. Daarom plaatste ik op die ene krantenpagina geen reclame meer voor moord- en doodspelletjes. De werkelijkheid was die week namelijk al erg genoeg.

maandag 4 augustus 2014

Zo vreselijk moe

Wel willen, maar niet kunnen. Zo ongeveer was mijn laatste Lemsterweek. Overvallen door dodelijke vermoeidheid, het resultaat van ziekte en chemo twee jaar geleden. En dat is confronterend. Want ook ik denk dat het geen feest is als ik niet ben geweest.

Hoe kan het dat er feest wordt gevierd als ik ook niet ergens tussen de massa sta? Kan het leuk zijn als mijn prettige persoonlijkheid zich ook niet tussen het publiek begeeft. Dat soort achterlijke gedachten. Wat natuurlijk niet het geval is, want aan de beelden te zien heeft iedereen zich prima vermaakt zonder mij. Wat iedereen overigens ook enorm is gegund, zo’n leuk feestje. Want dat was het volgens mij.

Maar ook ik wil hossen en dansen, springen en drinken. Althans wel een keer in die hele week. En dat lukt dus niet meer. Net zoals dat veel van mijn mede-kankergenoten en anders chronisch ziekten denk ik niet meer lukt om een avond heel diep door te halen.

Ik denk dan wel aan al die mensen die helemaal niets meer kunnen in zo’n week. Ik ging overdag nog lekker aan de zwier en dronk hier en daar was en nuttigde eens een maaltje. Ik was op een boot om de skûtsjes hun verrichtingen te zien vertonen. Ik stond zelfs op de kermis van Sneek ballen te gooien en won daar zelfs een knuffel (een mini, dat dan wel weer) en liet mijn portret tekenen. Om daarna natuurlijk weer terug te keren naar de Lemsterweek en in ieder geval het vuurwerk te zien. Maar daarna ging het licht weer uit en was het weer op huis aan.

Maar er zijn ook mensen die ook dat niet meer kunnen. Die overdag de puf niet hebben om naar buiten te gaan, om skûtsjes te bekijken of om even een slagje Dok te doen. Dat moet nog veel frustrerender zijn dan wat ik meemaak. Daar trek ik me dan dus ook maar aan op en ik hoop dat zij op een andere manier invulling hebben kunnen geven aan deze speciale week in het jaar.

Door een mooi boek te lezen. Door buiten te zitten. Door een mooi gesprek of een leuk bezoekje van een lief iemand. Door iets lekkers te eten. En er zijn natuurlijk ook mensen die net een groot verlies hebben geleden en daardoor ook niet in de stemming zijn om feest te vieren. Ook bij hen ben ik in gedachten en ik hoop maar dat zij deze dagen op een beetje een fatsoenlijke manier hebben kunnen doorkomen. Want ook dat is confronterend. Een voordeel hebben wij wel: de kater van een lange nacht vol drank hebben we ook niet hoeven doorstaan. Want die ontbrak gewoon.

Aanbiedingen bij EuroClix

dinsdag 29 juli 2014

Twintig kilometer om en kinderen die niet hoeven te spelen

Lekker even binnendoor naar Sneek is vanaf Lemmer tegenwoordig wel echt een mijl op zeven. Wie dat niet weet wordt flink omgeleid. Over Balk (!) wel te verstaan. En wat heeft dat voor effect? Precies? Dat die zo gehate rondweg nog veel meer gebruikt wordt. Want normaliter kwam je dan gewoon uit op bij of de snelweg en pakte je die verder naar Lemmer als je over Hommerts kwam. Of je ging binnendoor over Follega en Eesterga.

Nu word je niet alleen door half Gaasterland geleid, nee je komt dan ook nog eens uit bij de brug over het Prinses Margrietkanaal. Die brug waar het altijd vast staat en waar die weg niet goed genoeg doorstroomt. Nee, logisch zo is er ook nooit een goede doorstroming. En juist die ophoping van verkeer is de aanleiding om alles te veranderen.

Terwijl er geen cent voor op de plank ligt. Met een eenvoudig bordje waar je dan wel langs moet om toch een soort van binnendoor te gaan (wat kost zo’n bord nu helemaal) kun je al flink wat problemen oplossen. Aan de Goudkust hebben ze er inmiddels tabak van. Steeds dat verkeer dat normaliter gewoon via Follega Lemmer binnen kwam rijden, zoeft nu daar langs. En zorgt voor dikke files. De provincie (die dit illustere idee heeft bedacht) zou een half jaar geleden of misschien nog wel langer daar al iets aan doen. Maar sloegge soe ek zou mijn moeder wel gezegd hebben. Ergo, er gebeurt helemaal niets.

Ook geniaal is het feit dat kinderen uit Lemstervaart blijkbaar niet tot de categorie behoren die hoeven te spelen. De Friese Meren heeft besloten dat kinderen uit de Barkentijn maar zelf moeten zien hoe ze aan een schommel of een glijbaan komen. Want er is geen geld voor, zeggen ze. In heel de wijk is 1 speelveld, terwijl er in de wat duurdere buurten veel meer speelgelegenheid is.

Bewoners die zelf bovendien wilden meewerken om aan een veilige speelplaats voor zo’n 100 kinderen, kregen te horen dat ze dan zelf het geld ook maar bijeen moesten brengen. En dit terwijl er nog een voorraad aan speeltoestellen stond, maar die zijn logischerwijze gewoon aan de andere buurten uitgedeeld. Ik dacht dat ze in de Lemstervaart bezig waren alles mooier en leuker te maken. Dat geldt dan zeker niet voor de kinderen in die buurt. Was het bovendien niet zo dat de bewoners bij de aanleg van de geluidswal al beloofd is dat ze deze voorziening zouden krijgen? Hoe lang staat die wal er inmiddels? Zo’n twintig jaar? Mijn moeder zou het weer zeggen: Sloegge soe ek.

Aanbiedingen bij EuroClix

maandag 21 juli 2014

Blijf van onze doden af

Ik weet nog hoe ik mijn ouders wilde beschermen nadat ze waren overleden. Een arts die vroeg of haar lichaam nog mocht worden onderzocht door een patholoog werd door ons nabestaanden direct af geserveerd. Ze moesten van dat toch al enorm geteisterde lichaam afblijven. Ze moest nu eindelijk die rust hebben na zoveel pijn en ellende. En toen de begrafenis voorbij was, liep ik dagenlang rond met het idee dat ik haar een jas had moeten aantrekken. Want het was zo koud.

Bij mijn vader eigenlijk hetzelfde. Ik wilde hem na zijn overlijden eigenlijk geen seconde alleen laten. Want dat zou hij in mijn beleving voelen.

Beelden ramp Malaysian Airlines

En dan zie ik nu de beelden van de slachtoffers van de ramp met het vliegtuig van Malaysian Airlines. Ik zie boeren en mijnwerkers uit de omgeving die totaal niet zijn getraind gewoon door het gebied struinen en mensen oppikken. Ik zie dat ze in plastic zakken in een koelwagen zijn gelegd. Dat er separatisten om heen staan die echt onderzoek onmogelijk maken. En het maakt me razend. En verdrietig. Plaatsvervangend verdrietig.



Van de doden moet je afblijven. Zeker als ze hebben meegemaakt wat zij hebben meegemaakt. Maar eigenlijk altijd. En je moet vooral zorgen dat de nabestaanden een normale manier kunnen vinden om te rouwen. Als moeder of vader, vriend of vriendin of andere dierbare moet je toch gek worden van het idee dat je kind of vriend nu ergens in een koelwagen ligt terwijl jij wilt dat hij of zij thuiskomst?



Na de eerste shock over zo’n gebeurtenis kom je waarschijnlijk langzaam tot de realisatie dat het echt is wat er gebeurd is. Dat diegene waar jij van houdt waarschijnlijk uit de lucht is geschoten. Om geen enkele reden. Dat het leven van je dierbare in een klap is beëindigd, terwijl hij op weg was naar iets leuks of iets belangrijks.

Je zou wel willen gaan lopen

Je zou wel het eerste vliegtuig willen nemen om je kind zelf op te halen. Je zou waarschijnlijk wel naar Oekraïne willen lopen om dat te doen. Om te kijken waar hij of zij is gebleven, die mannen met geweren zou je aan de kant willen drukken en zeggen:'Blijf van mijn kind, mijn man of mijn vriend af. Dat is niet aan jou. Dat is mijn bloed, mijn liefde, mijn vriend. Die op een verschrikkelijke wijze is gedood en die nu rust verdient. En waar beslist niet mee gezeuld mag worden. Ik wil niet dat vreemde handen hem of haar aanraken. Kortom blijf af van mijn bloed, van diegene die jij nooit gekend hebt, wiens geboorte je niet hebt meegemaakt, waarvan je niet weet waar hij van houdt, waarvan je niet weet wanneer hij blij was of verdrietig. Blijf af en geef ze terug. Aan degenen die dat wel weten, maar vooral voelen.

maandag 14 juli 2014

Putten, kan het nog?



Het strand. Vroeger kon ik er uren lang doodstil liggen. In de hoop met mijn blonde huid wat kleur op te doen. Het ultieme streven was om zo bruin mogelijk te worden. Want dat vonden we mooi. Tegenwoordig is wel bewezen dat dit allerlei schadelijke bijeffecten heeft, maar toen wisten we dat nog niet zo goed. Maar daarom gaat tegenwoordig wel factor 50 op elke witte plek. En dat zijn er nogal wat.

Dit zo bekijkend, viel me dit jaar veel meer op. Je wilt het jezelf natuurlijk nooit toegeven, maar naarmate de jaren verstrijken wordt het allemaal toch wat minder met dat lijf. De vorm verandert, de structuur van de huid wordt zullen we zeggen wat losser. En er komen putten en andere ongerechtigheden daar waar je ze nooit zou vermoeden. De strakke benen zijn opeens veranderd in een soort pudding die meedrilt met elke beweging die je maakt.

Op je buik zitten opeens ribbels. Niet die van een sixpack, maar die van een soort vetophoping. En dat gladde vel is ook zo glad niet meer. Dus voor het eerst dit jaar was de grote vraag: doen we het nog wel? Naar het strand gaan dus. Veel zin om urenlang in de hitte van de zon te liggen heb ik toch al niet meer, dus moet het dan allemaal nog? Het antwoord is misschien wel gewoon ja als je er zin in hebt. Want toen ik op een willekeurig strand eens om me heen keek, zag ik alleen de jongere garde heel mooi heen en weer dribbelen.

En dat hoort ook. Verleiden en aantrekken hoort bij die leeftijd en die lichamen zijn daar ook op gebouwd. Mijn lichaam is er nu meer om troost te bieden denk ik. Wijs geworden door ervaring houd ik het er maar op dat ik met mijn geestelijke en emotionele ondersteuning mijn lichamelijk imperfecties kan verdoezelen. In donkere dagen, tijdens moeilijke momenten. Dat soort zaken. Maar stiekem baal ik natuurlijk toch gewoon van dat lijf dat zomaar wat doet en waar de zwaartekracht nu opeens wel heel hard aan trekt. Dan nog maar even om me heen kijken en zien hoe het met anderen van mijn leeftijd is gesteld. Dat is vaak niet anders en daar moeten we het dan maar mee doen.

Wel waag ik me nog even aan de stevige handen van een masseuse die me verzekerd dat ze alles weer glad krijgt met haar anti-cellulite massage. Na de massage lijkt dat inderdaad het geval, maar een dag later zitten alle putten er weer gewoon in al hun glorie. En zelfs het feit dat ik de bikini heb verruil voor een badpak helpt daar niet aan mee. Als ik echter het zilte nat induik dan ben ik weer even heer en meester van het strand. Want zwemmen dat kan ik. En dan zit toch alles onder water.

Aanbiedingen bij EuroClix