Hoe kan het dat er feest wordt gevierd als ik ook niet ergens tussen de massa sta? Kan het leuk zijn als mijn prettige persoonlijkheid zich ook niet tussen het publiek begeeft. Dat soort achterlijke gedachten. Wat natuurlijk niet het geval is, want aan de beelden te zien heeft iedereen zich prima vermaakt zonder mij. Wat iedereen overigens ook enorm is gegund, zo’n leuk feestje. Want dat was het volgens mij.
Maar ook ik wil hossen en dansen, springen en drinken. Althans wel een keer in die hele week. En dat lukt dus niet meer. Net zoals dat veel van mijn mede-kankergenoten en anders chronisch ziekten denk ik niet meer lukt om een avond heel diep door te halen.
Ik denk dan wel aan al die mensen die helemaal niets meer kunnen in zo’n week. Ik ging overdag nog lekker aan de zwier en dronk hier en daar was en nuttigde eens een maaltje. Ik was op een boot om de skûtsjes hun verrichtingen te zien vertonen. Ik stond zelfs op de kermis van Sneek ballen te gooien en won daar zelfs een knuffel (een mini, dat dan wel weer) en liet mijn portret tekenen. Om daarna natuurlijk weer terug te keren naar de Lemsterweek en in ieder geval het vuurwerk te zien. Maar daarna ging het licht weer uit en was het weer op huis aan.
Maar er zijn ook mensen die ook dat niet meer kunnen. Die overdag de puf niet hebben om naar buiten te gaan, om skûtsjes te bekijken of om even een slagje Dok te doen. Dat moet nog veel frustrerender zijn dan wat ik meemaak. Daar trek ik me dan dus ook maar aan op en ik hoop dat zij op een andere manier invulling hebben kunnen geven aan deze speciale week in het jaar.
Door een mooi boek te lezen. Door buiten te zitten. Door een mooi gesprek of een leuk bezoekje van een lief iemand. Door iets lekkers te eten. En er zijn natuurlijk ook mensen die net een groot verlies hebben geleden en daardoor ook niet in de stemming zijn om feest te vieren. Ook bij hen ben ik in gedachten en ik hoop maar dat zij deze dagen op een beetje een fatsoenlijke manier hebben kunnen doorkomen. Want ook dat is confronterend. Een voordeel hebben wij wel: de kater van een lange nacht vol drank hebben we ook niet hoeven doorstaan. Want die ontbrak gewoon.