dinsdag 11 februari 2020

Een drama

Storm, regen, dakpannen die van de daken waaien. Dingen die de normale gang van zaken even verstoorden. Maar er was ernstiger nieuws. Een kind dat nog maar net herenigd was met zijn moeder, verdronk in het plaatselijke zwembad. Wat de oorzaak daarvan is, geen idee. 

Iets is in ieder geval absoluut niet goed gegaan, zover reikt mijn kennis dan wel. Een onderzoek zal uitwijzen hoe dit vreselijke drama heeft kunnen gebeuren. Overigens geloof ik dat zwembadpersoneel en school daar net zo beroerd van zijn, als wij allen. Niemand wenst zoiets mee te maken. Ook alle omstanders hebben ongetwijfeld iets op hun netvlies staan dat ze er nooit op hadden willen hebben. Hoe de moeder zich moet voelen, daar hoef je ook geen professor voor te zijn. Prachtig dat er nu een actie is opgezet om het kind veilig naar ´huis´ te brengen, maar het jongetje krijgt ze er niet mee terug.

Verdrinkingen

Afgelopen zomer werden we al een aantal keren opgeschikt door verdrinkingen van mensen die uit een land komen waar zwemmen niet zo gewoon is. Ze vergisten zich in diepte, in stroming, misschien in de temperatuur van het water of raakten in paniek. Ook mijn eigenste lief kon niet zwemmen toen hij naar Nederland kwam. Hij kreeg zwemlessen in hetzelfde bad als dit jongetje, maar nog steeds vragen we op open water naar diepte, zwembanden en reddingsboeien. Omdat het zwemmen nog steeds geen automatisme is voor hem. 

Toen we eens in Gambia waren en we een frisse duik in een plaatselijk zwembad namen, bleek de bodem voor hem bijvoorbeeld opeens veel te ver weg. Ondanks de lessen die lief gevolgd had, werd hij paniekerig, duwde mij onder water in grote angst en om zich ergens aan vast te klampen. Dat deed me realiseren dat zwemwater voor veel mensen uit landen die nooit hebben leren zwemmen, een groot gevaar kan zijn.  Dat juist lessen die ervoor moeten zorgen dat dit gevaar wordt weggenomen, zo´n kind fataal zijn geworden is wrang. Heel erg wrang. Het leert ons misschien wel dat wij met onze (zwem)ogen oplettender moeten zijn als het gaat om die medelandgenoten. Dat we met z´n allen een oogje in het zeil moeten houden en niet denken dat iedereen die het water betreedt, dan ook daadwerkelijk kan zwemmen. Of daadwerkelijk goed kan zwemmen. Misschien kunnen we dan samen nog  eens zo´n zwarte bladzijde in iemands leven voorkomen.

zondag 2 februari 2020

Ellendige vandalen die het leven van onze buren in gevaar hebben gebracht


Ons huis is aangerand. Nou ja, ons oude huis in de Parkstraat in Lemmer, want we wonen daar niet meer. Maar zo´n woning met allerlei herinneringen aan belangrijke fasen in je leven blijft toch een beetje van jou. En nu hebben vandalen er dus een bende van gemaakt. 

Emotionele band met woning

Ze hebben van alles van de muur getrokken en daarmee het fundament van een woning die ons lief was bezoedeld. Waarom doet een mens dat zou je zeggen? Ik snap best dat anderen geen emotionele band hebben met de woning waarin ik eerst zelf lange tijd alleen heb gewoond en later met mijn lief. 

Je blijft met je poten van andermans spullen af

Maar dan nog… Je blijft met je poten van andermans spullen af. Dat besef is tegenwoordig niet meer zo groot blijkbaar. Geldelijk gewin of gewoon een asociale inslag, ik weet niet wat daaraan ten grondslag ligt. 

Woest op idioten die het leven van onze buren in gevaar hebben gebracht

Naast dat ik dus een soort van medelijden met onze woning heb (ja noem het idioot, maar het is toch de schulp geweest die me en ons altijd beschermd heeft) ben ik woest op die idioten die al onze oud-buurtjes in levensgevaar hebben gebracht. Als je een apparaat van de muur trekt en dan een gaslucht ruikt (want dat kan niet anders) en je hebt dan met je asociale kop niet het lef om in ieder geval ergens een melding te maken, dan ben je in mijn ogen een grote crimineel. Een enkel vonkje in een blok vol met gas was desastreus geweest.

Corporatie treft ook blaam

Dat de corporatie daarin ook niet heeft voorzien was overigens ook beslist niet slim. Als je weet dat woningen al wekenlang het doelwit zijn van vandalen en je sluit het gas dan niet af, dan is dat beslist niet bijster intelligent. Dat omwonenden dat bovendien ook al wekenlang aangeven, maakt het des te schrijnender. En een sloop inplannen in december, terwijl de regels voorschrijven dat dit helemaal niet mag, ook daarbij zou je denken dat een corporatie beter zou moeten weten. Dat onze oud buurtjes zo alert waren om direct te bellen, nadat ze in de gaten hadden dat er iets niet in orde was, verdient een medaille. Dat zij al vroeg op waren is daarbij denk ik een geluk bij een ongeluk geweest. Want je wilt je toch niet voorstellen wat er was gebeurt als dat gas nog een halve dag doorgestroomd had…. Daarbij blijft bovenaan staan dat dit allemaal niet was gebeurd, als die ellendige onverlaten gewoon met hun poten van ´onze´ woning waren afgebleven.

maandag 27 januari 2020

Bijzondere chauffeur zonder tijdschema en een fietsenstalling zonder dak



Vervoer. In onze gemeente is het niet zo heel eenvoudig om van A naar B te komen als je geen auto hebt en op een plek moet zijn die niet aan een openbaar vervoer route ligt. Sowieso is het niet eenvoudig om ergens te komen, want zoveel bussen vertrekken er niet uit ons schone dorp en nog minder uit het achterland. Toch probeer ik het: voor het milieu, maar ook omdat ik vind dat met z´n allen in een bus zitten eigenlijk veel economischer is dan alleen in een auto.

9292ov en buspaal vermeldt andere tijden

Helaas was mijn laatste ritje vanaf Lemmer niet bepaald een succes. Ik dacht er goed aan te doen om op te stappen in mijn eigen buurt en dan door te kunnen naar het ´station.´ Je kunt het amper een station noemen, maar goed. Er staan wachthokjes, er staat een oplaadpaal en er staan zo nu en dan bussen. Alleen was er in de straat waar ik moest opstappen geen bus te bekennen. Op 9292ov stond een tijd vermeld en ik stond keurig ruimschoots voor die tijd te wachten. Met mij een aantal mensen die net Nederlandse taalles hadden gehad. We kletsen wat en we werden ook wat zenuwachtig. We moesten namelijk allemaal de Qliner halen die ons naar of wel Joure, Heerenveen of Groningen moest brengen. Apart detail was trouwens wel dat op de paal met de bustijden hele andere tijden vermeld stonden dan op 9292ov.

Zenuwachtig

We werden zenuwachtig, daar bij die paal. Allemaal hadden we wel ergens een afspraak. Maar hoeveel nervositeit we ook ten toon spreidden, er kwam geen bus. Toen de Qliner al bijna op het punt stond om te vertrekken, kwam eindelijk de bus aangereden. Heel kalm. De dames van de taallessen keken me vragend aan. Of ik alsjeblieft kon vragen of hij kon bellen met die bus. Zelf durfden ze dat niet. Dus ik vraag de buschauffeur of hij de Qliner wil bellen, omdat hij echt veel te laat is. Het antwoord verbaast me nog steeds: dat hij geen idee had hoe laat hij eigenlijk bij deze bushalte moest zijn en ook niet hoe laat op het station. Hij was wel zo aardig om te bellen trouwens en mochten daardoor toch mee. De volgende keer maar op de fiets naar het station dacht ik nog, maar toen zocht ik naar die fietsenstalling die toch net was uitgebreid. Dat is dus gewoon een stukje van het gebied met fietsenrekken. Geen overkapping, geen bescherming voor je stalen ros. En ook dat verbaasde me op een dag waarvan ik dacht dat ik niet verbaasder kon zijn.

maandag 20 januari 2020

Zingen en herdenken

Zingen en herdenken. Ze lijken niet echt een connectie te hebben, maar ik moest er deze week toch aan denken. Ik kan trouwens niet zingen. Ik doe het wel: stiekem onder de douche. Of met lief. Want hij vindt ook dat ik niet kan zingen, maar we vinden het wel leuk om samen te zingen. In een koor zing je met heel veel mensen.


Vaak zijn dat mensen die ook allemaal goed kunnen zingen en wiens stem een benaming heeft. Een bas of een bariton. Een eerste of tweede stem. Maar er zijn ook koren waarbij het vooral om het plezier gaat. En dat ook nog een doel dient. Zo´n koor is er nu. Intercultureel of zo heet het. Samen met mensen van allerlei pluimage Nederlands zingen. Goed voor de integratie. Goed voor samen zijn. Goed voor het Nederlands voor nieuwe Nederlanders. En gewoon gezellig.

Holocaust monument

 Een geweldig idee vind ik, maar ik linkte het ook aan iets groters. Woensdag is er in Lemmer een monument onthuld voor al die mensen die zijn vermoord tijdens de holocaust in Nederland. 104.000 mensen, vooral Joodse mensen worden daarmee herdacht. Mensen die een vreselijk einde kregen, die om hun Joods zijn (of homo zijn of op een andere manier anders zijn) op de meeste gruwelijke manieren werden omgebracht. Mijn voormalig hoofdredacteur was Joods. Op één van zijn feestjes zagen we de wrange werkelijkheid van die holocaust. Uitgedunde families. Kinderen zonder (levende) ouders. Mensen die nog steeds zochten naar familieleden. Mensen met een trauma. Een enorm trauma.

Verbroedering

Toen ik dacht aan het koor dacht ik ook aan verbroedering. Dat als je elkaar leert kennen op een persoonlijk niveau dat je dan misschien niet in staat bent om iemand een gaskamer in te jagen. Dat je dan niet in staat bent om iemand met een pistoolschot van zijn leven te beroven. Dat je dan de ander als mens ziet. Hoe het kan dat hele volksstammen die empathie dus klaarblijkelijk niet meer voelen, heeft me altijd bevreemd. Natuurlijk heb ik ook geschillen met mensen. Of wordt het nooit dikke liefde tussen mij en bepaalde anderen. Maar om ze dan het leven te benemen is van een heel ander kaliber. Misschien als de wereld samen zou gaan zingen, je de emoties van de ander naast je voelt, je die gevoelens samen kunt delen dat het dan kan. Want in de basis zijn we allemaal gelijk.  Samen´Mag ik dan bij jou´ zingen bij dat monument  dan maar?

maandag 6 januari 2020

Ada


Een meer dan bubbelende persoonlijkheid. Dat was Ada Beljon ten voeten uit. In de kleedkamer van ons gymlokaal van de Mavo in Lemmer - toen we nog hele jonge tieners waren -  vertelde ze altijd de spannendste verhalen. Over de liefde, het leven, uitgaan en nog veel meer. Ada hield van het leven, zoveel was wel duidelijk. En het leven hield van haar.

Sprankelend

Jaren later toen we al lang geen tiener meer waren, was ze overigens nog even sprankelend. Maar er was ook een serieuzere toon bij gekomen.  Met name als het over man en kinderen ging. Uit haar verhalen die we hadden, kon ik opmaken dat ze die het liefst om zich heen had. Maar ook dat haar hart klopte voor iedereen die daar in zat. En dat waren er velen.

Ze leek nog een meisje

Het leek verder alsof de tijd geen vat op haar had gekregen. In de vijftig leek ze nog altijd op dat meisje van toen. Met die schalkse blik in de ogen, het figuur van het tienermeisje en dat hele expressieve gezicht was ze een weldaad om naar te kijken. Haar gulle lach bleef ze ook kwistig rondstrooien.

Hoe ga je om met je ziekte?

Een nare ziekte veranderde veel. We hadden er regelmatig contact over als lotgenoten. Wat doe je wel en wat doe je niet? Behandelingen, zienswijzen, je levensinstelling, alternatieve behandelingen, reguliere behandelingen, gezond leven. Ze stuurde een keer een berichtje toen ze net een chemo had gehad. De zon scheen, ze had een kopje koffie en van beide genoot ze zo intens. Wie dat kan midden in zo'n kuur is een levenskunstenaar. Maar we hadden het ook over de zwarte kanten van behandelingen en de ziekte. Hoe depressief je kunt worden van de middelen en dat de angst je zo in je greep kunt hebben.  Niets menselijks was ook haar vreemd.

Het leven omarmen

In alles koos Ada bewust en dat vond ik bewonderenswaardig. En ze besloot het leven nog meer dan daarvoor in zijn volledigheid te omarmen. Maar ook om belangrijke keuzes te maken. Ze deed bepaalde dingen niet meer, omdat die haar gezondheid konden schaden. Ze deed andere dingen juist wel omdat die goed voor je gezondheid zijn. En ze zei zaken vaarwel waarvan iedereen die ziek wordt zegt dat hij of zij die vaarwel gaat zeggen. Velen worden toch weer in gehaald door de waan van de dag. Ada niet (of minder) en ze ging er helemaal voor.

Het leven vieren

Op foto´s zag ik verder vooral iemand die het leven vierde. Met de mensen die ze liefhad. En ze bleef haar eigen koers varen en deed wat zij dacht dat voor haar het beste was. Zo stond ze een keertje bij ons op de yogamat en liet al snel na de les weten niet terug te komen. Dit is niks voor mij, verklaarde ze. Ik moet intensiever bezig zijn. Ergo: Geen tijd te verliezen.
Het leven dat ongetwijfeld nog steeds van haar hield, moest het onlangs helaas afleggen tegen die nare agressieve ziekte. En dat was veel te snel en veel te jong.

maandag 9 december 2019

Bekneld





Vrouw uit Joure bekneld zit met hoofd tussen spijlen van stoel las ik. Naast dat je dan denkt hoe kan dat toch, bracht het me vooral terug in de tijd. 

Box

Mijn broertje en ik schelen 8 jaar en toen hij door de box kroop mocht ik mem al helpen met huishoudelijke werkzaamheden. Zo waren we op een dag boven bezig. Met het beddengoed denk ik, want een schoon bed vond zij (en ik ook) zo ongeveer het summum van geluk. Hoe ze wist dat er iets aan de hand was daar beneden vraag ik me nog steeds af. Moeders weten dat misschien gewoon. Maar ze sommeerde me opeens om naar beneden te gaan. Snel naar beneden te gaan.
Het was ook akelig stil daar beneden, dat klopte wel. 

Met hoofd tussen spijlen

Ik ging op een drafje naar beneden en vond dat kleine schattige broertje van me met zijn hoofdje tussen de spijlen van de box. Niet in staat om ook maar iets te doen, gilde ik naar boven. Sneller dan het licht was ze beneden en ze aarzelde geen moment. Met een ferme druk, wurmde ze dat hoofdje tussen de spijlen door en was het jongetje bevrijd. Of dat heel wijs was weet ik niet, iets met een fontanel of zo, maar hij heeft er geloof ik niets aan overgehouden. Wat was ik trots op haar vastberadenheid en doorzettingsvermogen. En wat stond ik zelf te trillen op mijn benen toen ik naast die box stond. En wat moet ik er best nog vaak aan denken en aan hoe het ook helemaal fout had kunnen aflopen. En heb ik me altijd afgevraagd hoe hij dat voor elkaar had gekregen. 

Overvloed

Zelf had ik overigens afgelopen weekend de neiging om mijn hoofd ook ergens even tussen te steken. De gezelligheid van deze tijd is onmiskenbaar. Dickens in het vooruitzicht, een geweldig feest. Maar ook overvloed. Soms wel eens wat te veel overvloed naar mijn idee. We waren in een tuincentrum (buiten de gemeente, ik zeg het er maar even bij) en daar was het gewoon filelopen. De taferelen die ze gemaakt hadden waren -  eerlijk is eerlijk - prachtig. Maar het aanbod schromelijk overdreven vond ik. Ook de prijzen rezen de pan uit vond ik eerlijk gezegd. En zonder bedrijven nu hun boterham te willen misgunnen denk ik wel dat het soms ook wel ietsjes meer om de inhoud mag gaan. Kerst zou toch vooral om de verbinding moeten gaan en niet alleen om meer, meest en nog veel meer.

maandag 2 december 2019

Net als vroeger in de Urkerstraat




Als iemand mij zou vragen wat mijn mooiste jeugdherinneringen zijn dan zou ik zeggen de tijd dat ik in de Urkerstraat in Lemmer woonde. Een volksbuurt met allemaal mensen met het hart op de juiste plek. Als kind wist je: hier ben ik veilig, hier hoort iedereen bij elkaar, hier helpen we elkaar. 

Bij de buren wonen

Toen mijn moeder zwanger was van mijn broertje en ze een zwangerschapsvergiftiging kreeg, woonde ik gewoon weken bij de familie van mijn vriendinnetje. De vrouwelijke melkboer die een straat verderop woonde en de enige telefoon van de omgeving had, scheurde mijn vader aan zijn mouw de auto in toen ze haar hadden gebeld omdat de weeën waren begonnen. En ze bracht hem ook nog naar het ziekenhuis. Omdat we geen auto hadden.

Tijden zijn veranderd

Dat was toen. Tijden zijn veranderd. Man en vrouw werken vaak beide om het hoofd een beetje boven water te houden, het samen aan een lange tafel zitten is er nog wel, maar vaker is er contact via digitale media. De gemeente ziet dat ook en heeft buurtverbinders aangesteld. Vrijwilligers die er alles aan doen om mensen in buurten te verbinden. Onlangs mocht ik met ze aan tafel zitten. Een gedreven groep mensen die het ook in hun normale leven druk heeft. Van bakker tot lerares en van gepensioneerd ambtenaar tot ICT-er en allerlei mensen daartussen in. Belangeloos willen zij er voor zorgen dat die verbinding die vroeger zo normaal was, weer ontstaat. Digitaal, maar ook gewoon van persoon tot persoon.

Dit voelt net als vroeger

Toen ik met ze aan tafel zat en zo rondkeek dacht ik:´Dit voelt een beetje als toen in de Urkerstraat. ´ Het contact was warm, gezellig en gewoon. En betrokken. Mensen die bereid waren iets voor hun medemens te doen.  En toen dacht ik ook:´De wereld is gewoon nog wel mooi. De meeste mensen zijn nog steeds mooi en betrokken. Ze hebben echt nog iets voor elkaar over. Maar ze doen dat op een andere manier. Veel meer digitaal. En deze mensen, deze mensen die je als buren zou willen hebben, helpen je daarbij. 

Elkaar helpen

Maar ze willen vooral aanzetten tot het elkaar helpen. Naar elkaar omkijken. Zodat de buurman of buurvrouw die hulp nodig heeft met de vuilnisbak die hulp krijgt. Of zodat die man of vrouw verderop in de straat die een bakkie wil drinken met iemand gewoon even dat bakkie krijgt. Of gewoon omdat iemand iets leuks heeft aan te bieden. Samen breien, samen wandelen, samen een boek lezen.  Zie die buurtverbinders dus als onze buurtjes van toen. Je kunt er weliswaar niet logeren, maar ze fungeren wel als lijm, zodat jij vervolgens een stukje van die tube lijm kunt worden. En samen? Samen kunnen we het.